dinsdag 21 augustus 2012
vrijdag 17 augustus 2012
Vakantie: van NY naar Cape Cod, naar Savoy State Park
Na twee weken
vakantie hebben we inmiddels 5 staten aangedaan (Connecticut, Rhode Island,
Massachusetts, Vermont en New York) en verblijven we in Binghamton, NY in een
appartementje van een particulier dat we via Airbnb.com hebben gevonden. Een
aanrader voor de reiziger met lef en als je het treft veel handiger dan een
hotel (en een erg leuke site om op te snuffelen). En wij hebben het getroffen
want eigenaresse Laura, die we alleen via telefoon en e-mail gecontacteerd
hebben, heeft een keurig en brandschoon appartement, met een keukentje en een
ijskast gevuld met verse eitjes, jus d’orange en muffins en – hoezee hoera na
een week kamperen – een bad en een wasmachine plus droger. Ik belde haar net
nog even en ze liet ons weten vooral een glaasje wijn te nemen uit de fles op
het aanrecht. En dat voor dezelfde prijs als een motel langs de weg.
Vanochtend reden
we weg van de camping in Savoy Mountain State Park in de Berkshires. Het was
een topweek. Prachtige, stille camping, met grote plekken onder de bomen, rond
een heuvel met appelbomen. Iedere plek had een vuurplaats met een rooster om op
te bbq’en en een campingtafel met banken. Bij de ingang kon je houtblokken
kopen en via een paadje 10 meter van onze supermooie tent (dank Anjo!!) liep je
zo naar een doodstil meer (denk: foto’s van Canadese meren maar dan iets
kleiner) waar je kon zwemmen. In de buurt liepen allerlei ‘trails’ en Remke en
Tobias vonden dat heel avontuurlijk. Ze liepen voorop en zongen dan keihard
vieze liedjes over poep en pies zodat eventuele beren mijlenver waren voordat
wij in de buurt kwamen. Tja, door die beren de eerste nacht toch niet zo lekker
geslapen... er loopt daar heel wat rond (wilde zwijnen, wasberen, oppossums,
elanden, etc) en die klinken ’s nachts allemaal als beren. Alles moest voor het
slapen de auto in, dus ieder vies bordje, alle vuilnis, al het eten en alle
toiletartikelen. Een keer hebben we de vuilniszak in de boom laten hangen en
die was prompt aangevreten. Een andere keer lieten we een pannetje met
aangekoekte melk op het campinggasje staan en die werd prompt ’s nachts omver
gelopen door ... iets. Het wc hok was een beetje ver dus ’s nachts plassen
deden we maar gezamenlijk waarbij de een in de richting van de beren scheen
terwijl de ander... Overigens was het ook best fris ’s nachts en het feit dat
Justus zijn slaapzak was vergeten in te pakken (note JB: over deze stelling valt
te twisten) leidde ook nogal eens tot wakker worden vanwege koude tenen of
andere uitstekende delen.
Koken deden we
vooral op het vuur, dat is toch wel zo leuk! Maiskolven in de schil, aardappels
in de hete as, brood op een stok, worsten op het rooster en ook gewoon de
koffiepot, het smaakt allemaal lekkerder van een eigen gestookt vuurtje. Om te
eindigen met een stuk of wat marshmellows natuurlijk. En alcohol is verboden op
die campings maar in het stikdonker ziet niemand wat er in dat plastic
campingbekertje zit dus dat viel gelukkig erg mee. Na een paar dagen ontmoette
Justus zowaar een Nederlander, die al 16 jaar met zijn vrouw in Massachusetts
woont en werkt (aan Smith College in Northampton). Zij hadden twee kindertjes
van 4.5 en 2. R&T vonden dat een feest, hoewel Tobias bij de eerste
ontmoeting uitriep: “Maar mama, er is helemaal geen jongetje bij!”. Gelukkig kwam hij er al snel achter dat de
oudste net zo’n stouterd was als hij. Twee avonden met z’n allen gekampvuurt en
vanochtend zijn de kinderen nog even salamanders gaan vangen voor we
vertrokken. Het stikte er van het leven, uilen, spechten, kolibries, allerlei
mooie vlinders, chipmunks die onder onze tent logeerden, een (verlaten)
beverburcht in het meer, een enorm wespennest drie tenten verder in de boom,
mooie rupsen, herten, etc. Enige
minpunt; sanitair is errug basic...
De week daarvoor
zaten we in Cape Cod met mijn collega Hanneke en haar man Stijn plus kindertjes
Marlies en Bram, in een tophuis vlakbij het strand. Vanuit NY rij je (op een
zaterdagnamiddag) in 5.5 uur langs de kust naar Cape Cod, en dan zit je in een
klap op een prachtige landtong, met zoutwatermoerassen, verlaten stranden,
leuke dorpjes en walvissen vlakbij! Op de weg erheen zag ik zo’n bord dat
waarschuwt voor overstekende herten. Nu
heb je die in Nederland ook maar wie kent er iemand die ooit een hert langs de
weg heeft gezien? Niemand. Nou, hier zie je ze dus wel. En de eerste keer dat
ik er een zag maakte dat Tobias zo gelukkig dat hij uitriep: “Dankjewel voor de
herten mama!!”. Daarna zagen we er nog een stuk of wat, toen werd het te donker
en beweerden R&T dat ze tijgers en walvissen langs de bosrand zagen. Tijdens
die week zijn we een halve dag met een boot vanaf Provincetown walvissen gaan
spotten, die daar in vrij grote hoeveelheden rond het Stellwagen Bank National
Marine Sanctuary http://en.wikipedia.org/wiki/Stellwagen_Bank_National_Marine_Sanctuary
rondzwerven. We hebben aardig wat Minke
walvissen gezien en bultrugwalvissen en in de verte de spuit van de een na
grootste walvis die er is, de blauwe vinvis. Echt heel spectaculair (het ontlokte
Tobias wederom de uitspraak: “dankjewel voor de leuke dag en voor de walvissen”
– en als hij dat zegt is hij echt heel gelukkig). Aan boord was ook een bioloog die heel leuk
vertelde over de walvissen en het reservaat. Verder hebben we in Cape Cod het
glasmuseum in Sandwich bezocht (demonstratie glasblazen gezien) en vooral
heerlijk in zee gezwommen en heel veel muggen doodgeslagen. Het was zo erg dat
we ’s avonds niet eens buiten konden eten. En dat dus aan zee. Beter om in de
zomer hoog in de bergen te zitten, blijkt. De een na laatste avond heeft Stijn
gezorgd voor kreeften voor het diner, want dat hoort erbij natuurlijk op Kaap
Kabeljauw. Het was een hele ervaring maar schijnt een aanslag te zijn op je
cholesterol. Maar weggespoeld met veel wijn.
Er is hier nu een
waanzinnig vuurwerk bezig buiten. We dachten eerst dat er een shoot-out
plaatsvond want het is een beetje een vage buurt hier maar toch maar even gaan
kijken en het is dus vuurwerk. Schijnt iets met baseball te maken te hebben.
Morgen gaan we naar Ithaca, waar Cornell University zit. Volgens de Lonely
Planet een leuke stad, kunnen we gelijk pyjama’s kopen voor de volgende camping
want inmiddels is de temperatuur gedaald naar zo’n 21 graden overdag.
Zondagochtend verjaardagsontbijt voor Justus in bed en dan rijden we door naar
Watkins Glen State Park camping. Mogelijk hebben we daar wederom geen enkel
bereik maar we verwachten dat het wel mee zal vallen omdat we in de staat NY
zijn nu. Voor de zekerheid het telnr van de camping/park: tel/skype +1 607 535
4511. We staan op plek 232 en de reservering staat op mijn naam. Foto’s volgen op
www.jsrtinny.blogspot.com en op
facebook!
woensdag 15 augustus 2012
donderdag 9 augustus 2012
Abonneren op:
Reacties (Atom)